| |
De zweefmolen
-
leesfragment
Lachmeditatie
| Wat: |
Lachmeditatie / marihuana |
| Wie: |
Dhyan Sutoris |
| Waar: |
Thuis of een andere plek met een cd-speler |
| Geschikt bij: |
Stressgerelateerde klachten / angst, (spier)pijn, misselijkheid,
gespannenheid |
| Doel: |
Ontspanning, nieuw perspectief |
| Resultaat: |
Kriebelig buikgevoel, irritatie / zen |
| Meer informatie: |
www.lachmeditatie.info |
Er is maar één
persoon geschikt om mijn volgende project mee te ondernemen:
nichtenvriendje J. Deze man luistert in zijn auto naar wijsgerige
audioboeken ter geestelijke verheffing, overlegt maandelijks
met zijn paranormale coach (‘Ze heeft weer zóveel
losgemaakt!’), maar struint evengoed de stad af op zoek
naar vers mannenvlees en de perfecte Caipirinha. Hij kan alarmerend
trancedent zijn en zich in onbegrijpelijke metafysische oraties
verliezen, maar kent ook elke zin van de musical My Fair
Lady uit zijn hoofd. Met wie anders dan J. zou ik beter de zogenaamde ‘lachmeditatie’ proefondervindelijk
kunnen checken?
Ik ben blij dus ik lach. Zou het omgekeerde ook opgaan: ik
lach dus ik ben blij? Met huilen werkt het bij mij in ieder
geval wel zo. Huilen roept meer onverwerkt leed op. Op de bank,
in de juiste bui en met de juiste film in de dvd-speler (alles
met Shirley MacLaine), kan ik er een maand leed uitjanken,
totdat ik niet eens meer weet waarom ik zit te snotteren. Lachen
als paspoort naar het nirwana. Zou zomaar kunnen.
Lachmeditatie
Lachen als therapeutische oefening
is uit India afkomstig. De lach wordt gebruikt om de cliënt
in het hier en nu te brengen. Het bestaat uit drie delen:
rekken
en strekken, lachen en stil zijn. Na de lach-meditatie,
die een minuut of vijf duurt, is het de bedoeling om
in stilte de ervaring te verdiepen. |
In het piepkleine tuintje in de Jordaan van J., met een groene
salade op schoot en een glas wijn in de hand, nemen we de
lopende zaken door. Voordat het al te gezellig dreigt te
worden en
we ons project uit het oog verliezen, pakken we het cd-oefenboek ‘Lachen
maakt gelukkig’ van Dhyan Sutorius erbij. Meneer Sutorius
kijkt ons, uiteraard met een grijns van oor tot oor, vanaf
de voorkant aan. Hij ziet er bedrieglijk doorsnee uit: grijzig
kort baardje, bril, jaar of vijftig. Type montere geschiedenisleraar.
Zijn biografie meldt dat hij als huisarts werkte en in 1985
het ‘Centrum ter Bevordering van het Lachen’ in
Duivendrecht oprichtte. Dat is dan wel weer vrij kolderiek.
Maar goed, wie heeft er ooit een normaal mens ontmoet?
Ook al vallen de mussen van het dak, J. staat erop om in
de huiskamer waxinelichtjes en een staafje wierook aan te
steken. ‘Aan
de setting zal het in ieder geval niet liggen,’ zegt
hij terwijl hij tevreden het resultaat bekijkt. Dan sprint
hij naar het toilet: ‘Ik hoef niet, maar dat is nu
eenmaal mijn pre-meditatie ritueel.’
Wat gebeurt er als we lachen?
Het is wetenschappelijk bewezen dat lachen gezond is. Lachen
bouwt stress af, versterkt het afweersysteem en maakt
rustig. De hersenen produceren tijdens het lachen endorfine,
ook wel het gelukshormoon genoemd, en dat geeft een kalmerend
en pijnstillend effect. Hartslag en bloeddruk stijgen
licht en de zuurstofopname verbetert. Eén minuut
lachen zou gelijk staan aan dertig minuten ontspanningsoefeningen. |
Ondertussen schuif ik de cd in de cd-speler en schalt de
stem van Dhyan Sutorius door de kamer. ‘Lachen is acceptatie
van jezelf, de ander, de situatie,’ zegt hij opgetogen. ‘Acceptatie
is niet een lijdzaam berusten, zoals veel mensen denken, het
is een actief proces.’ Waar. Je kunt alleen om iets lachen
als je het volledig hebt geaccepteerd. Hij citeert Osho (voormalig
Bagwhan) en zijn stem klinkt nu laag en gewichtig. ‘Lachen
ontspant je. De waarheid is alleen mogelijk in een ontspannen
toestand. Als je ontspannen bent, in een staat van loslaten,
dán gebeurt het onmogelijke. Dan gebeurt het wonder.’ Hoogdravende
lulkoek, oordeelt mijn verstand genadeloos.
Sutorius roemt de relativerende, verbindende en louterende
werking van lachen en instrueert ons hoe te lachen. Het moet
bij voorkeur van heel diep komen. ‘Dus niet hihi vanuit
de keel, maar haha vanuit de buik.’ En ‘alllegro
ma non troppo’ (snel, levendig en vrolijk, maar niet
té). Sutorius blijkt nog meer talen te kennen: ‘Let
your belly bubble. Let it be a belly ballet.’
Lachmeter
Gaandeweg lachen we steeds minder. Terwijl kinderen elke
dag gemiddeld zo’n vierhonderd keer lachen, komen
volwassenen niet verder dan vijftien keer. |
We beginnen met het losmaken van het lichaam door rek- en
strekoefeningen. Dan worden we geacht grimassen te maken,
onze tong uit te steken
en geluid te maken. ‘Woaoaoaoaoah!’ gromt J.
vol overgave. Onze mondhoeken krullen op, er verschijnt een
glimlach
en al gauw zijn we aan het hinniken. Dit wordt leuk!
De officiële lachmeditatie gaat van start en dan gebeurt
het drama: Surotio laat zich in de studio vergezellen door
een groepje lachers. Ze lachen zich een kriek onder regie van
een uitzinnige Sutorio. Ik hoor geforceerd gegrinnik, betaalde
beleefdheidslachjes en ‘dit wordt opgenomen’-gebulder.
‘Ik zie kantoormensen voor me,’ klaagt J. en vanaf dat
moment ik ook. Het gelach werkt niet aanstekelijk, maar averechts.
Ik word er eigenlijk alleen maar agressief van. We kijken
elkaar lusteloos aan. ‘Haha,’ zegt J. Het klinkt weinig
overtuigend. ‘Hahaha,’ zeg ik.
Ondertussen gaat het dijenkletsen en schuddebuiken in de
studio op het grijze bedrijventerrein in Duivendrecht voort. ‘Denk
aan je favoriete probleem nummer één!’ roept
Sutorio uitgelaten. Het groepje brult van het lachen en slaat
zich op de knieën. Je zult maar een stervende moeder hebben
die nu in je hoofd opkomt. Alsof je ineens geen enkel probleem
meer serieus mag nemen. ‘Nog 33 seconden lachen!,’ roept
de geflipte lachmeester. Dan klapt hij in zijn handen en zijn prompt alle professionele
lachers stil. J. en ik kijken elkaar verschrikt aan. ‘Ga
met al je aandacht en liefde naar je lichaam,’ zegt Sutorio
weer geheel kalm en toerekeningsvatbaar. ‘Wat je ook
ervaart in je lichaam, voel daar een hele duidelijke “ja” voor.
Als er gedachten opkomen, voel daar dan een “tot ziens” voor.’
Wat voel ik? Ik sluit mijn ogen en haal mijn lichaam
door een soort inwendige scanner. Met een beetje fantasie voel ik een
kriebelige buzz in mijn buik. Een leeg, ruim gevoel in mijn
borst. En een beetje irritatie om deze bespottelijke exercitie.
Of omdat ik gefaald heb, wellicht. Normaal gesproken heb
ik er geen enkele moeite mee om zonder reden te lachen, maar als
op commando lukt het niet. Verontrustend.
Kosmische grap
‘Waarom wachten op een reden om te lachen? Het leven zoals het is, zou
reden genoeg moeten zijn om te lachen. Het is zo absurd, het is zo belachelijk.
Het is zo mooi. Het is een geweldige kosmische grap.’
Osho (oorspronkelijk bekend als Bhagwan Shree Rajneesh), goeroe. |
We wandelen naar de coffeeshop op de hoek om een voorgerolde
joint te halen, om de lachkick waarop we ons hadden verheugd
dan maar met behulp van nederwiet op te wekken. De terrassen
zitten vol etende, drinkende en, jawel, lachende, mensen.
Af en toe stoppen we even om een praatje te maken met een
buurtgenoot. ‘Ik
probeer altijd een innerlijke glimlach te creëren,’ zegt
een ervan. Ze legt haar hand op haar buik: ‘Hier.’ Dan
wijst ze op haar mond. ‘En dan komt die vanzelf hier
terecht.’ Ze is actrice. Vandaar.
Marihuana
Marihuana is al enige duizenden jaren bekend in de kruiden-geneeskunde.
Het kruid, dat officieel Cannabis sativa heet, wordt gebruikt als middel
dat de eetlust opwekt, de spieren ontspant, de geest scherpt, de stemming
verbetert, kalmerend werkt, angst vermindert en pijn en misselijkheid
bestrijdt. Vanaf de jaren zestig wordt het steeds vaker als genotsmiddel
gerookt of toegevoegd aan eten of drinken. |
Op een terrasje roken we de prefab joint op. Het is inmiddels
bijna donker. We kijken en filosoferen wat voor ons uit, ultiem
ontspannen, een beetje wazig en intens tevreden. Blijkbaar
is dit geen goede lachdag.
‘Weet je wat ik nu voel?’ vraagt J. ‘Hmm?,’ vraag
ik afwezig. Hij kijkt me recht aan. ‘Een hele duidelijke “ja”.’
En alsnog gieren we het uit.
Marihuana als medicijn
Een commissie van de Gezondheidsraad onderzocht de literatuur
over de effectiviteit van marihuana en concludeerde dat
er te weinig harde gegevens zijn om marihuana te introduceren
voor geneeskundig gebruik. Toch heeft de Minister van
Volksgezondheid per 1 januari 2001 een bureau voor medicinale
cannabis geopend. In februari 2002 zijn twee Rotterdamse
stichtingen door de overheid aangewezen voor de teelt
van weed. |
|
|